Plantfamilies en wisselteelt

Wisselteelt of alles door elkaar

Er doen nogal wat verschillende ideeën de ronde over ‘wisselteelt’, vooral op internet door mensen die heel stellig beweren hoe het ‘moet’ zonder erbij te vermelden waarom. Wat wij proberen te begrijpen en door te geven is juist dat ‘waarom’. De docenten/tuinders zijn daarbij net zo goed leerlingen. Vorig jaar deden we nog alles door elkaar, want het was toch maar voor één jaar. Meteen hebben we spijt nu we op dezelfde plek nog een jaar mogen. Een paar constanten zijn er wel: het planten van steeds dezelfde planten op dezelfde m2 grond geeft grondgebonden ziektes of insectjes of schimmels die nou juist dat ene gewas lekker vinden/aanvallen de kans om dat ook te doen. Maar dat gezegd hebbend zijn er heel veel variaties denkbaar. Zoals de familie, of juist verschillende plantfamilies door elkaar planten.

Zuivere teelt

Dit jaar gaan wij voor de meest zuivere wisselteelt die we ons kunnen indenken: 9 bedden voor 9 plantfamilies. Kleine bedden, van 5m2, dus daar ga je al: wat wij hier doen, op onze zandgrond, met ons bodemleven is niet per se toepasbaar op andere plekken. Het maakt uit of je op zand zit, in de wind, met negen bedden in teeltvakken van 45 m2, of in een binnentuin op klei, of in de polder met teeltvakken van 500 m2. Daarom zijn we super streng in de leer, dan weet je hoe het kan en kan je daarmee spelen, later, in je eigen situatie. Alles door elkaar? In de natuur werkt dat, maar dat zijn wilde planten, die heel sterk zijn. Bovendien staan ze nooit op exact dezelfde plaats, want ze strooien hun zaad op allemaal verschillende manieren ver om zich heen. En van al die zaailingen mogen er heel veel dood gaan, dat wil een tuinder met z’n boerenkoolplanten nou juist niet. Planten bij elkaar in één bed zetten op mestbehoefte? Is makkelijk, natuurlijk, maar niet elk familielid heeft dezelfde mestbehoefte, want van de één eet je het blad en van de ander de wortel.

Verrassende familieleden

We gaan dit jaar dus voor de families en dan heel goed opletten wat er per plantensoort nodig is aan extra mest en wat er gebeurt. Zelf vinden wij, tuinders, het leuk om planten beter te leren kennen met hun specifieke eigenaardigheden en dan is zo’n familieindeling een openbaring. Wij leren enorm bij. Dat de berenklauw en de peentjes familie zijn, de madelief en de slakrop, de radijs en de bloemkool. Als je eenmaal weet waaraan je dat kunt zien wordt het een prachtig raadspel. Aldus ‘spelend’ tijdens de voorbereiding van de les ‘plantfamilies’ kwam onze assistentdocent/tuinder met een geniaal idee: een groentekwartet. De eerste groep heeft het al gespeeld en hield bijna niet meer op. Misschien dat we naast de school ook een kleine uitgeverij moeten beginnen.

Winterpauze op de tuin

Op zich hebben we daar nu twee weken de tijd voor: de eerste paden zijn uitgezet, de eerste teeltvakken met negen bedden liggen klaar. Maar we werden vandaag op onze vingers getikt door vadertje winter: “Oh nee, slecht weer bestaat niet, zeggen jullie? Hier!” Terwijl ik dit schrijf raast de Noord-Ooster sneeuwstorm over de tuin en bevriest de grond eronder. Keihard, onbewerkbaar. Buiten kwartetspelen zou technisch nog wel gaan, maar bij -7 lijkt ons dat ook niet echt aangenaam. Binnen mag niet, want in de mensfamilie waart ook een virus rond doordat we te lang in dezelfde bedden bij elkaar zijn geweest en ook nog eens voortdurend van het ene bedje naar het andere wandelen zonder een jaar tussenpoze. De wisselteelt met verplichte quarantainevakken per plantenfamilie doet ons ergens aan denken. Veel van ons zijn overbemest en tja, dat geeft ook problemen met de weerbaarheid. Dus blijft het even bij de theorie en kan het spel mooi dienen om de kennis waar we ons nu in verdiepen straks, als het weer dooit, op te halen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *