Zaad: zelf winnen of kopen in een zakje

opeten of bewaren?

Een gevaarlijk onderwerp, want als er ergens uitgesproken meningen over zijn, dan hierover. Het is deze week op de moestuinschool het thema van de week ‘zaad’. We gaan warmoes zaaien, radijs, drie soorten peen en rucola. Het is best leuk om je eigen zaad te winnen. Eén plant laten doorschieten of doorgroeien en je hebt een massa zaad. Waarom kan je niet gewoon een hele moestuin volzetten met planten uit zelf gewonnen zaad? Het kan. Maar…

Maar … niet elk zaad is soortecht, dus je kunt nakomelingen krijgen die niet allemaal dezelfde geweldige eigenschappen hebben als het zaad uit je zakje. Zeker bij F1 gaat dat niet lukken. Maar ook als je verschillende soorten pompoen door elkaar hebt staan zullen de nakomelingen een beetje van beide ouders hebben.

Maar … niet elk zaad laat zich buiten schimmelvrij en goed rijp oogsten. Het hangt bijvoorbeeld ook van het weer af, en van het moment van oogsten en van jouw zorgvuldigheid en mogelijkheid om het zaad binnen te laten nadrogen.

Maar … je moet het labelen met wat er in zit en wanneer het gewonnen is. Lijkt heel makkelijk, gek genoeg gaat dit best vaak mis. Wij hadden best wat rare dubbelgevouwen koffiefilters en keukenrolpapier met daarop aantekeningen als ‘oranje hoog’ of ‘uit de schooltuin.’ Heel duidelijk toen het werd opgeschreven, een jaar later niet te begrijpen. Ook was er een heleboel pompoenzaad in keukenpapier gedroogd die de muizen bijzonder lekker vonden. En wel ras palmkool hadden we ook alweer geplant waar dit het zaad van was?

Maar… zo’n zelfgewonnen zakje zaad blijft vaak ook wat langer liggen, soms jaren. Soms is het net iets te vroeg geoogst, je weet niet hoeveel zaadjes echt gaan kiemen. Gelukkig is daar een trucje voor: zaai 10 zaadjes tussen nat keukenpapier of wcpapier op een schoteltje en kijk hoeveel ervan echt kiemen, dan weet je ook of het zin heeft om dit zaad nog te gebruiken, of het kiemkrachtig is.

Maar … goed biologisch zaad is niet extreem duur en dan weet je wel wat je krijgt. Kiemkracht, bewaarbaarheid, kwaliteit: het is vakwerk en daarom kopen wij het meeste van ons zaad uiteindelijk toch bij de zaadhandel. Biologische rassen worden gekweekt op stevigheid, groeikracht (bij voorkeur sneller dan het onkruid), op resistentie tegen ziektes en op smaak en hoeven niet per se uniforme oogst op te leveren, of een maximum aan kilo’s oogst per plant. Dat ze zonder kunstmest en pesticiden een goede en smakelijke oogst leveren, is het belangrijkste.

En…. er is een heerlijk fimpje van Charles Dowding (staat ook onder studiemateriaal lesdag 5) die laat zien hoe het werkt, zelf zaad winnen. Twintig minuten en je bent een stuk wijzer.

Maar… nog even geduld aub, want deze maand gaat het zaad van vorig jaar de grond in, pas na een paar maanden kan je het zaad gaan winnen, als de plant helemaal volwassen is en het weer heerlijk warm en droog. Als wij op de Moestuinschool ‘zaad’ als thema van de week hebben, gaat het vooral over ‘zaaien.’

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *